Dordrecht '90 0 - 2 Feyenoord
KNVB Beker
Achtste Finale
Zondag 09-01-1994
Stadion: Krommedijk, Dordrecht
Toeschouwers: 8.500
Scheidsrechter
Dick Jol
Trainer
Nico van Zoghel
Opstelling
1. Ricardo de Jongh
2. Maarten Atmodikoro
3. Roël Liefden
4. Brian Wilsterman🟨
5. Michel Langerak
6. Cor Lems🟨
7. Gerrie Slagboom🔻46.
8. Warry van Wattum
9. Jerry Simons🟨
10. Virgil Breetveld🟨
11. Romeo Wouden
Reservebank
12. Eric van der Merwe🔼46.
Wedstrijddetails
12': ⚽0-1 Jozsef Kiprich
69': ⚽0-2 Henk Fräser
79': 🟥John de Wolf
Feyenoord
Trainer
Opstelling
Reservebank
Wedstrijdverslag:
Over de arbitrage wenste Willem van Hanegem liever niets te zeggen. Dat de oefenmeester van Feyenoord, dat gisteren dank zij een zege van 2-0 op Dordrecht’90 de kwartfinale van de KNVB-beker bereikte, het optreden van Dick Jol nog slechter vond dan dat van zijn ploeg viel van zijn gezicht te lezen. Met een norse blik en een cynische ondertoon in zijn stem volstond de trainer, die zich voor de tuchtcommissie nog moet verantwoorden voor zijn uitspraken over arbiter Luinge, met het zinnetje: „Het (de leiding) zal wel goed zijn.” Scheidsrechter Dick Jol, zelf ooit een driftige schoffelaar bij onder meer NEC, vestigde gisteren meer de aandacht op zich dan de meeste spelers in het matige duel. Alleen Henryk Larsson, vanwege zijn goede spel, en John de Wolf, vanwege zijn uitsluiting, waren nog nadrukkelijker aanwezig dan de Hagenaar, wiens rechterarm bij voortduring soepeltjes naar zijn linkerborstzak verdween. Acht keer toverde de arbiter daaruit een gele kaart, een keer zelfs rood. De grimmige sfeer in het veld werd mede veroorzaakt door Jol, die de regels weliswaar strikt hanteerde, maar in sommige gevallen best coulanter had mogen zijn. „De meeste gele kaarten die hij aan ons gaf, vond ik belachelijk”, aldus Van Hanegem. Een overtreding van Feyenoord werd steevast beantwoord ' door een onreglementaire actie van Dordrecht. Nico van Zoghel, trainer van Dordrecht: „Ik zag dingen die niet op een voetbalveld thuishoren.” Het fysieke geweld van de kampioen schrok de koploper van de eerste divisie niet af. „Wij hadden afgesproken ons niet van de wijs te laten brengen door het krachtvoetbal van Feyenoord. We zouden het duel niet schuwen en ons niet laten intimideren. In de voorgaanden jaren werden we elke keer afgeslacht, nu zou dat niet gebeuren. Wij wilden iets neerzetten”, aldus aanvaller Virgil Breetveld van Dordrecht’90. Daar slaagden de Dordtenaren overigens niet in. De sompige weide had vaak iets weg van een slagveld. De magische spons deed veelvuldig zijn werk. Alleen Larsson trok zich niets aan van het geweld om hem heen. De dartele Zweed ontweek soepel elke aanslag en stond vaak aan de basis van een oprisping van Feyenoord. „Ik moet nog veel leren op deze positie”, vertelde de bescheiden Larsson, die in de rol van ‘sehaduwaanvaller’ speelde. „De eerste helft ging het lekker, maar na rust was het minder. Ik moest veel lopen en was moe.”
De laatste aankoop van Wim Jansen haalde wederom het einde van de wedstrijd niet. Net als tegen Roda JC, zijn eerste optreden voor de kampioen, werd hij om tactische redenen naar de kant gehaald. Een rode kaart voor De Wolf een aanslag op de benen van Breetveld - noopte Van Hanegem tot het inbrengen van Peter Bosz, die het middenveld moest completeren. De uitsluiting van Feyenoords aanvoerder paste in het beeld van de rommelige wedstrijd. De overtreding van de international leek veel op een wraakactie ten opzichte van Breetveld, die eerder De Goey had getorpedeerd. De Wolf ontkende zulks. „Als ik hem had willen pakken, had ik dat wel eerder gedaan.” En waarschijnlijk ook minder opzichtig. Schoorvoetend gaf hij wel toe dat hij niet geheel volgens de reglementen handelde. Wellicht, zo vertelde de Schiedammer, had hij Breetveld inderdaad geraakt. Een rode kaart was echter veel te zwaar gestraft, vond De Wolf. „Ik wilde de bal spelen. Ik geef toe dat ik er fors inging, maar het was absoluut niet mijn intentie om hem te blesseren of te pakken”, vertelde de verbolgen verdediger. De Wolf wond zich op toen hij bij het verlaten van het veld een knipoog kreeg van Breetveld. Volgens de Feyenoorder riep de aanvaller van Dordrecht nog wat vervelends. „Ik zie je nog wel, zei hij met een grote lach op z’n gezicht. Ik voel me genaaid door hem.” De spits van de koploper van de eerste divisie ontkende niet dat hij De Wolf wat had toegeschreeuwd. Hij vond de versie van de international echter ietwat eenzijdig. „Toen hij het veld verliet, brulde hij nog wat naar mij en daar reageerde ik op. Nee, ik zeg niet wat hij zei, maar vriendelijk was het niet. Hou ’t er maar op dat hij me na afloop nog wel zou zien. Daarop antwoordde ik dat dat goed was”, zei Breetveld. Het was een spel over en weer, vertelde de spits ver na afloop van het bekertreffen. Het tweetal was al ruim voor de rode kaart niet bepaald vriendelijk voor elkaar. Dan weer riep De Wolf wat onvriendelijks, dan weer Breetveld. „De Wolf daagt je voortdurend uit. De hele wedstrijd door. Hij haalt het bloed onder je nagels vandaan. Of hij probeert je het ziekenhuis in te schoppen, ’t Is dat ik op tijd omhoog spring, want anders lig ik met m’n benen omhoog. Hij is uiteindelijk degene geweest die doordraaide.”
Gallerij: